Na het afronden van de werkperiode in de gevangenis, of zoals de kunstenaars het zelf noemen ‘de eerste akte’,

gaan Kinoshita en Peulen met hun verzameling aan de slag. In deze tweede akte transformeren ze het materiaal

tot een bouwsteen van het uiteindelijke kunstwerk getiteld ‘Het Boek van Bewaring’. Het werk bestaat uit vijf

onderdelen. Allereerst zijn er de vijf koffiekarren in de personeelskantine die als dragers fungeren voor blokken

polyester. De gestolde, transparante materie oogt als een archeologische vindplaats. Papieren dossiers,

spreekbriefjes, psychiaterbriefjes, boekjes van de foerier zijn tot as verbrand, de prikborden laag voor laag tot

zaagsel geschaafd. Het zaagsel goten de kunstenaars vervolgens in dezelfde volgorde laag voor laag terug in

het polyester, evenals de as. Tussen deze lagen kregen andere bewerkte objecten ook hun plaats. De als een

insect gedetermineerde politiepet – de onherkenbare, losse onderdelen vormen abstracte composities in het

polyester – geplette sleutelbossen en bestek en verwrongen stalen klemmen van ordners. De verschillende

lagen polyester roepen de associatie op met de bladzijden van een boek, in die zin vormen ze ook letterlijk

een ‘boek van bewaring’.

.

Tekst: Xandra de Jongh

.De geënsceneerde herinnering aan een gevangenis..

Suchan Kinoshita en Karin Peulen maakten voor de gerenoveerde P.I. Overmaze in Maastricht het kunstwerk 

‘Het Boek van Bewaring’. Een toepasselijke titel gezien de oude functie van de instelling. Het uit meerdere

onderdelen bestaande werk vormt middels getransformeerde materialen uit het voormalige huis van

bewaring een geënsceneerde herinnering aan deze locatie.

.

In 2006 struinen de kunstenaars Suchan Kinoshita en Karin Peulen als gelegenheidsduo een maand lang als 

buitenstaanders – ‘maatschappelijke  toeristen’ – door de ruimtes van gevangenis Overmaze. Met een

grootscheepse verbouwing voor de boeg raakt het gebouw langzaam onttakeld. Steeds meer personeel 

en gedetineerden worden overgeplaatst. Cellen, werkruimtes, kantoren komen leeg te staan en worden 

uitgeruimd. Deels door Kinoshita en Peulen die tijdens hun dagenlange zoektochten  een verzameling 

bijeenbrengen van uiteenlopende objecten en materialen. 

Het is een op het eerste gezicht betekenisloze brij van prullaria die nauwelijks de moeite waard lijkt om te

bewaren. Het gaat de kunstenaars echter niet zozeer om het materiaal zelf maar om de verhalen die ze 

vertegenwoordigden. Zo vertelt het personeel over de politiepet die al 30 jaar op de foerierafdeling hangt. 

Van wie de pet is geweest of waar die vandaan komt weet niemand, maar voor de medewerkers op de 

afdeling is het een symbolisch object geworden. Ook de oude koffiekarren hebben door de jaren heen

verschillende functies vervuld in het huis van bewaring. Van koffiekar tot gereedschapsbak en

transportmiddel in de drukkerij voor drukwerk. Zelf worden de kunstenaars geraakt door de leeggehaalde

prikborden in de cellen, die als de stille getuigen van het verblijf van de gedetineerden zijn achtergebleven. 

De vele punaisegaatjes en de getekende en geschreven krabbels vormen de restanten van het persoonlijke

klankbord dat ze ooit waren.

Built with Berta.me